Drie dagen op het eiland
Bruno van den Elshout


In Lauwersoog nam ik de boot van 14.30 uur naar Schiermonnikoog. Na een voorspoedige overtocht liep ik vanaf de aankomststeiger naar mijn slaapplek: een huisje met vier bedden op een boerenerf in de uiterste noordoosthoek van de polder. Ik meldde me present en kreeg tekst, uitleg, bedden- en keukengoed. Ik maakte ruimte in mijn tas voor boodschappen en liep naar het dorp. 


De supermarkt - die ik eerst nog moest lokaliseren - bereikte ik nog juist voor sluitingstijd. Helaas: de linzen waren uitverkocht. Spliterwten waren er nog wel. Ook kocht ik een ui, bleekselderij, een bos wortelen, een spitskool, prei, een potje sambal, een doosje grof zeezout, een pakje roomboter en drie pakken knackebrod met sesam. Het paste allemaal net in mijn tas en jaszakken.

Ik liep terug naar 'huis', pakte de grootste voorradige pan, waarin ik erwtensoep kookte. terwijl die opstond, maakte ik mijn bed op. Daarna at ik twee borden soep, belde even met Sanne, waarna het me bedtijd leek.

De volgende ochtend werd ik wakker, nam een douche en daarna twee borden erwtensoep. Ik haalde klok van de muur en legde hem omgekeerd op tafel. Mijn telefoon had ik al ergens in een hoekje gelegd. Die liet ik daar liggen. Tijd voor een lange wandeling.

Bij thuiskomst een middagdutje en vervolgens nog een lange wandeling. Nu met fototoestel erbij. Toen het langzaamaan donker begon te worden leek het me tijd om naar huis te gaan en te eten.

Wat een heerlijkheid om zo even voorbij de tijd te reizen, met alleen het geluid van vogels en de golven. En de wind en regen die melodieus in vennetjes neer klinkt. Dan weer de geur van het wad en de zilte zeelucht. Omlopen, verdwalen, natte voeten... stilte! En schreeuwende fazanten in de struiken, Lepelaars en ganzen in alle soorten en maten. In de lucht en tussen het gras, eenden kieviten, meeuwen, strandlopers, scholeksters en meer. Kleuren die bij de eerste kennismaking allemaal grijs-grauw lijken. Daarin gaandeweg alles tussen explosief rood en fluorescerend groen te herkennen.

En te midden van dat alles voortdurend voortstappen om af en toe stil te staan.