Maak uw keuze

   home

   
  accommodaties
   
    geschiedenis
   
    dorp/bereikbaarheid
   
   bezienswaardigheden   
    vredenhof - bunker wassermann
    vuurtoren -  bezoekerscentrum -
    jachthaven - schelpenmuseum -
    walviskaken - de eendenkooi
   
    nationaal park
   
    bezoekerscentrum
 
   excursies
   
    landschappen/natuur
     wad - polder - westerplas -
     bos - kwelder - duinen -
     strand
   
    activiteiten
   
  verhalen
   
   taal
   
  •  kunstenaars
    en 't eiland
   
    
   
    links / © 2011
   
    mail webbeheerder
   
    inhoudsopgave site
 









naar bovenzijde pagina













terug naar overzicht
van verhalen
































naar bovenzijde pagina

 


terug naar overzicht
van verhalen


 



 











 




    
  
 

 
Weekendexcursie Vogelwacht
Tekst: Frans van Maurik, mei 2009, Vogelwacht Nieuwegein / IJsselstein e.o.

Zoals gebruikelijk bij een weekendexcursie was het vertrek vrijdag in de zeer vroege ochtend gepland. Met vijftien man en vrouw vertrokken we om 6.00 uur richting Groningen om drie dagen op het Waddeneiland Schiermonnikoog de flora en fauna te bekijken en dan met name de vogelpopulatie.

De boot vertrok om 09.30 uur en een uurtje later werd voet op Schiermonnikoogse bodem gezet. Met de bus gingen we naar ons onderkomen, kampeerboerderij “Binnendijken” op het westelijk deel van het eiland aan de zuidrand van het gelijknamige dorp Schiermonnikoog, om vervolgens een fiets op te halen bij rijwielverhuurbedrijf Soepboer.

De oude haven was het eerste doel maar we waren het dorp nog niet uit of we moesten dat plan al bijstellen. Bij het afspeuren van de eerste de beste groep rotganzen plukten we al vrij snel een roodhalsgans. Een beetje vreemd, omdat je deze soort doorgaans (wat heet doorgaans…) tussen de brandganzen aantreft en daartussen, ondanks de duidelijke rode hals, bijna niet opvalt. Maar nog verrassender was het, dat een tweede exemplaar achter de ander vandaan kwam. Het dunne zonnetje lichtte de rode halzen goed op en maakte dat ze duidelijk waarneembaar waren. Na enige tijd gekeken te hebben vervolgden we onze weg naar de oude haven. Kneu, kievit, scholekster en graspieper waren onze begeleiders door het polderlandschap en aan de wadkant kwamen daar nog onder andere tapuit, steenloper en een grote groep rosse grutto’s bij.

Op de boot was ons gevraagd hoeveel soorten we het weekend in totaal zouden gaan zien en horen (want horen is scoren!) en daarbij varieerden de aantal tussen 95 en 122. Dat aantal hadden we natuurlijk nog lang niet maar daar kon de Westerplas verandering in brengen. De plas ligt ten zuidwesten van het dorp. Vroeger heette dit gebied de Westerkwelder en had de zee er vrij spel. In de jaren zestig werd de kwelder ingedijkt. Het vochtige gebied werd zo onbereikbaar voor het zeewater en verzoette langzaamaan.

De Westerplas is het belangrijkste zoetwatergebied van het eiland en het zoete water oefent een grote aantrekkingskracht uit op watervogels. Veel Nederlandse eendensoorten komen er voor en de brede rietkragen herbergen diverse soorten rietvogels, waarvan de roerdomp misschien wel de meest bijzondere is. De vochtige grasveldjes rond de Westerplas zijn beroemd onder liefhebbers van paddenstoelen en wilde planten. Ook voor de bewoners is de plas van belang aangezien een groot gedeelte van het drinkwater op het eiland uit de omgeving van de Westerplas gewonnen wordt.

Maar we gingen dus voor de soorten en daar werden we niet in teleurgesteld. Geen bijzondere soorten maar de lijst werd wel langer en het viel op dat, net als in de oude haven, alle soorten in behoorlijke aantal aanwezig waren.

Overigens is het vermeldenswaard dat bij de plas een prachtige kijkhut is geplaatst die een zeer goed uitzicht geeft over het geheel.

Inmiddels was de lucht gaan betrekken en het dunne zonnetje moest plaatsmaken voor bewolking die gestaag een donkere kleur aannam en waar je van kon verwachten dat er op niet al te lange termijn druppels uit zouden vallen. De druppels kwamen inderdaad, vergezeld van heftige windstoten die menigeen van ons vermoeid deed binnendruppelen om bescherming te zoeken. Een mooie gelegenheid om even op adem te komen onder het genot van thee of koffie.

Na het avondeten zijn we naar de ijsbaan gegaan om in de avondschemering de houtsnip te zien baltsen. De regen was inmiddels opgehouden maar er stond nog een stevig windje en de temperatuur was aan de lage kant. Dus niet ideaal voor de houtsnip maar ons geduld werd beloond. Minimaal weliswaar maar de snip had in ieder geval de moeite genomen om even tevoorschijn te komen en twee keer voorbij te vliegen. Hij kon in ieder geval genoteerd worden. Het weer op de volgende dag voldeed aan de verwachtingen die waren opgegeven. De wind was gaan liggen en het dunne zonnetje van de vorige dag was wat voller geworden.

De volgende dag was het de bedoeling om de oostkant van het eiland te gaan bekijken. Als de roodhalsganzen net als de dag ervoor vlak aan de weg zouden zitten zou het mooie strijklicht ideaal zijn om een leuk fotootje te maken. Die mazzel hadden we. Mijn compact telezoomer geeft misschien geen technisch perfecte foto maar is voldoende als herinnering of als illustratie bij een verhaaltje. We vervolgden onze weg langs de dijk aan de wadkant waar we behalve de tapuit ook twee bekende vogelaars tegenkwamen die deze dag deelnamen aan de grote teldag voor het noorden. Zij hadden behalve de twee roodhalsganzen die we zelf al hadden gespot nog een derde gevonden en ook nog twee witbuikrotganzen. Die laatste werden dan ook het volgende doel en met de juiste aanwijzing werd dan ook een exemplaar in de telescoop gevangen. We vervolgden onze weg richting Kobbeduinen.

In een slenk zagen we oeverloper, groenpootruiter en zwarte ruiter. Op het uitkijkpunt op de Kobbeduinen hadden we gezelschap van nachtegaal, grasmus en braamsluiper en zagen we blauwe en bruine kiekendief sierlijk voorbij zweven. Het was inmiddels middag en via de noordkant van het eiland kwamen we uiteindelijk op het groene strand terecht. Het was er rustig en in de telescoop konden we een stuk verderop een groep bontbekplevieren ontwaren.

Om ze beter in beeld te krijgen zijn we ze een stuk tegemoet gelopen tot we op redelijke kijkafstand waren. Een aantal zilverplevieren in zomerkleed waren de moeite waard om te observeren en uiteindelijk zagen we tussen de grote uitgestrekte groep bontbekplevieren een strandplevier.

Op weg om ons rondje schier te volbrengen kregen we ter hoogte van de Westerplas een berichtje dat op het eiland naast de roodhalzen en witbuiken ook nog zwartbuiken waren gezien én een blauwe fase Ross gans. Een soort die we allemaal aan het lijstje toe wilden voegen. We hebben niet lang hoeven zoeken. Hij zat nagenoeg in de achtertuin van ons onderkomen. Voor een fotootje net iets te ver weg maar voor de telescoop een mooie afstand. Een mooie soort om de dag mee af te sluiten.

Het ochtendgloren van onze laatste dag zag er nog veel belovender uit dan de vorige dag. De opkomende zon was nog voller dan de vorige dag en trui en jas konden alvast ingepakt worden. Een prachtige dag om de gemiste kijkplekken op te zoeken en af te speuren op de nog ontbrekende soorten. Wintertaling en zelfs een paartje zomertaling en een europee kanarie werden nog wel gevonden maar roodborst, dodaars en de toch ook wel de verwachte roodborsttapuit bleven onzichtbaar. Jammer natuurlijk maar de lijst zou uiteindelijk op een totaal van 112 soorten stoppen. Een respectabel aantal waarvan ik er zelf exact 100 heb gezien of gehoord. Om 16.30 uur hadden we de boot terug. Eenmaal op het vasteland werd afscheid van elkaar genomen en ging ieder zijns weegs.



terug naar overzicht van verhalen                 naar bovenzijde pagina