Maak uw keuze

  home

   
  accommodaties
   
    geschiedenis
   
    dorp/bereikbaarheid
   
   bezienswaardigheden   
    vredenhof - bunker wassermann
    vuurtoren -  bezoekerscentrum -
    jachthaven - schelpenmuseum -
    walviskaken - de eendenkooi
   
    nationaal park
   
    bezoekerscentrum
 
   excursies
   
    landschappen/natuur
     wad - polder - westerplas -
     bos - kwelder - duinen -
     strand
   
    activiteiten
   
  verhalen
   
   taal
   
  •  kunstenaars
    en 't eiland
   
    
   
    links / © 2011
   
    mail webbeheerder
   
    inhoudsopgave site
 


terug naar overzicht
van verhalen

















 




    
  
 

 
Kanotocht van Lauwersoog naar Schiermonnikoog
door Jouke Altenburg  

Op een dag in augustus kreeg ik de kans met vier Groningse zeekanoërs een tocht over de wadden van Lauwersoog naar Schiermonnikoog te maken. 

Voorbereiding

Op 18 augustus is het ’s ochtends even de laatste zaken organiseren: kleding voor verschillende weersomstandigheden, foerage en uitrusting in de auto leggen. M’n sirius ligt al op de auto. Ik haal mijn kanovriend Frank van huis op. Samen rijden we naar Lauwersoog waar we de drie andere tochtvaarders zullen ontmoeten. We moeten om half één met de boten in het water liggen.

Bij aankomst in Lauwersoog zie ik een vertrouwd beeld: een man op een krukje speurt met een mooie Swarovskitelescoop de zee af. Vogeltjes kijken is een andere hobby van me. Ik heb nu alleen geen tijd voor een praatje over zijn waarnemingen. Vandaag ben ik allereerst kanoër. Het is omkleden en de boot inpakken geblazen. Vlak voor vertrek meldt  tochtgenoot Marlies ons groepje aan bij de vuurtoren van Schiermonnikoog.  

Van boei naar boei

Precies om half 1 zitten we alle vijf in onze boten, gereed voor vertrek. Tussen de vissersboten door (het zijn de garnalendagen..) varen we de havenmonding uit. Daar staat een stevige stroming. Ik heb daardoor weinig tijd om op de verschillende vogelsoorten te letten. De steenlopers op de pier vallen me uiteraard wel op, evenals verschillende meeuwensoorten.  

Ons reisdoel is een kreek tussen de Kobbeduinen en Westerduinen, ter hoogte van strandpaal 11. Een afstand van ongeveer 12 km (zie kaart). We houden 20 graden aan (NNO) en zoeken onze eerste herkenningspunten: de groene boeien O1 en O3.

Het is nu opkomend tij. De wind blaast met 3 Bft uit het zuidwesten. We hebben wind en stroming op dit stuk in de rug. Dat zorgt voor een lange deining: golven van zo’n 40 centimeter hoogte dagen ons uit. Dat is niet bepaald hoog, maar surfen lukt heel aardig. De eerste kilometers schieten zo ongemerkt onder onze peddels door. Het zoute water loopt spetterend over de dekken. Mijn mondvoorraad aan dek wordt van een zoutlaagje voorzien: pisang garam (zoute banaan). Eenmaal aangekomen bij boei O7 in ‘de Schildknoopen’ geeft tochtleider Robert een koerswijziging op: 0 graden (pal noord). We kijken naar de skyline van Schiermonnikoog: vuurtoren, watertoren, zendmast en natuurlijk de duinenrij. Ook zien we verschillende ‘wolken’ vogels, die zich verzamelen op de kwelders van Schier nu het hoog water wordt. Ze ballen samen en spreiden zich in de lucht; een geweldig ballet. 

Eigen koers

Vanaf nu zijn er geen boeien meer en varen we over ongemarkeerd gebied. Hier liggen de zandbanken die bij eb droogvallen. De stroming zet ons naar het oosten weg. Zo blijven we keurig uit het Brakzandstergat. Dat is tot van 15 mei tot 1 september voor boten gesloten om de zeehonden rust te geven. Het vogelleven bestaat op dit stuk vooral uit overvliegende meeuwensoorten in allerlei leeftijden en ruistadia.

Geleidelijk aan wordt het water woeliger: de golven lijken van alle kanten te komen. We zitten nu op het wantij. Hier botsten de aan beide kanten om Schiermonnikoog heenlopende vloedstromen op elkaar. De duinenrij van Schier nadert langzaam maar zeker. Nu komt het op navigeren aan, want we zoeken een kreek van ongeveer vijftien meter breedte tussen de Kobbeduinen en Westerduinen.

Enkele honderden meters voor de kustlijn is de waterdiepte misschien dertig centimeter. Dat is lastig peddelen. Onze kano’s worden ook nog eens geremd door de eigen waterverplaatsing die op de waddenbodem stuit. Iets vroeger en we hadden moeten lopen. Vlakbij de kust is het water dieper en kunnen we zonder problemen peddelen naar onze kreek. 

Door de kreek naar de duinen 

De zuidzijde van Schiermonnikoog bestaat hier uit kwelders: land dat normaliter droog ligt en alleen bij springtij en storm onderloopt. In de oostplaat van Schier lopen enkele kreken. Daarin staat bij hoge vloedstanden genoeg water voor een kano. Dat is vandaag het geval. We varen de kronkelende kreek in. De kwelders zijn groenpaars van kleur van de zeekraal (lekker!), lamsoor, zeeaster, zandraket en ogentroost. Steltlopers roepen ons aan alle kanten tegemoet: wulp, bosruiter, oeverloper, zwarte ruiter. Ook graspiepers en gele kwikstaarten zijn van de partij. Ondanks het wat bewolkte weer scheurt ook een atalanta voorbij. Tochtgenoot Cor meldt hier vorige maand een griel (= zeer zeldzame vogel !) te hebben gezien.

Rustig varen we achter elkaar de kreek door. Kronkelend zoeken we de buitenbochten: die zijn het diepst. Na een paar honderd meter zien we twee kleine zilverreigers. We kunnen ze mooi zien jagen. We laten ons uitdrijven maar komen uiteindelijk toch te dichtbij. Ze vliegen om ons heen (hun gele tenen zijn met het blote oog te herkennen) en strijken weer snel neer. De jachttijd is voor hen beperkt.  

Slingerend vervolgt de kreek zijn weg. Als ik een tijdje voorop vaar voel ik me een ontdekkingsreiziger: het is niet te zien dat hier ooit iemand is geweest. Na ruim twee kilometer kunnen we niet meer verder varen: we staan aan de voet van de duinen. In een kano! Uniek!

We trekken de boten op de oever, pakken onze mondvoorraad en zoeken een plekje op een duintop. Hoewel onderbroken door de strandweg (onverhard) loopt deze kreek door tot op het Noordzeestrand. Bij extreem hoog water zou je dus door moeten kunnen varen!!

Op de Noordzee staat overigens vandaag een stevige branding met mooie overslaande koppen. In de lunchpauze geniet ik met volle teugen van het prachtige uitzicht. Helaas heb ik geen camera noch verrekijker bij me.  

Terugtocht

Na drie kwartier genieten is de pauze om: wanneer we nu niet vertrekken moeten we de boten slepen of zelfs dragen. We hebben nog wel tijd om op de terugweg van het vogelleven en kwelderlandschap rondom de kreek te genieten. De zilverreigers laten zich weer van dichtbij zien.

Eenmaal op het wad blijkt dat we door moeten peddelen. De kano’s lopen bijna aan de grond. Tien minuten later en het was lopen geblazen. Hoe vind je in zulk ondiep water de diepste plekken? Gewoon niet op de plaatsen af varen waar groepjes vogels staan.

Het vogelleven op het wad komt nu echt op gang. Op verschillende plaatsen om ons heen vliegen grote groepen steltlopers in enorme slierten rond, op zoek naar de eerste droogvallende platen.  

Wij koersen 180 graden: pal zuid. Het zicht is minder geworden, we zien het Groningse vasteland als een grijze streep; boeien zijn niet te zien. De wind staat nu tegen de stroom in: dat levert korte spetterende golfjes op. Ondanks intensief speuren zien we geen drijvende ‘voetballen’ ofwel zeehondenkoppies. We hebben helaas geen tijd om rustig rondom zandplaat ‘Oort’ te varen. Daar liggen vaak twintig of meer zeehonden te rusten, is de ervaring van de Groningers.

Na een half uurtje zien we de bekende groene boeien weer en houden we de windmolens van Lauwersoog aan. Kirrend vliegt een dwergstern laag over ons groepje. Ook noordse stern, grote stern en visdief zijn van de partij. Sneller dan gewild maak ik me klaar voor de landing. Op onze vertrekplaats kunnen we niet meer uitstappen; het water staat te laag. Dat moet nu op een met basaltblokken bezaaid ‘strandje’ ten oosten van de havenmonding. Alle boten komen gelukkig zonder schade op de wal.  

Tijdens het omkleden blijft het genieten van de zeelucht en de voor de haven jagende sterns en meeuwen. Een prachtgezicht. En in de dagen erna denk ik met regelmaat terug aan deze tocht. Kanoën tot in de duinen: een prachtervaring. 

Tochtlengte: ca. 40 km. 



terug naar overzicht van verhalen         naar bovenzijde pagina