Maak uw keuze

   home

   
  accommodaties
   
    geschiedenis
   
    dorp/bereikbaarheid
   
   bezienswaardigheden   
    vredenhof - bunker wassermann
    vuurtoren -  bezoekerscentrum -
    jachthaven - schelpenmuseum -
    walviskaken - de eendenkooi
   
    nationaal park
   
    bezoekerscentrum
 
   excursies
   
    landschappen/natuur
     wad - polder - westerplas -
     bos - kwelder - duinen -
     strand
   
    activiteiten
   
  verhalen
   
   taal
   
  •  kunstenaars
    en 't eiland
   
    
   
    links / © 2011
   
    mail webbeheerder
   
    inhoudsopgave site
 


terug naar overzicht
van verhalen

















 




    
  
 

 
Dagjesmensen, bleekneusjes en Kriegsverletze
door Ebel Pol


In de vijftiger jaren was het woord 'toerisme' nog onbekend op Schiermonnikoog. Wie waagde er nu een tocht naar het eiland? Dat was een avontuur! Niet zelden zat je zomaar een uur vast op het wad, had de boot zich - door een altijd grillig spel van zand en zee - vastgewurmd en kon de steiger niet bereikt worden!

'Dagjesmensen' - ofwel de badgasten voor een dag - werden dan ook met verwondering nagewezen; die hadden lef! Wij mochten lekker blijven; wekenlang, in een tent, tussen de duinen. 

Na ruim vijftig jaar zit de lucht van duinen en zee nog in mijn longen. Ieder jaar kom ik even terug om deze weer een 'schierstoot' te geven. Als dagjesmens... verdronken in de massa. Soms blijf ik een nachtje over; nadat de laatste boot is vertrokken, vind je dan voor even de oorspronkelijke rust weer terug. 

Vijftig jaar geleden was er nog alle ruimte op het eiland. Regels waren zeldzaam. De vrijheid was groot. Legendarisch - vaak aangehaald binnen de familie - is dan ook mijn uitstapje als éénjarige. Geheel zelfstandig aan de sjouw vanaf het kampeerterrein, het tegelpaadje over, richting Karrepad, om naar 'Tut' (Schuts warenhuis) te gaan. Zo ver ben ik vast niet gekomen.


 De auteur van het verhaal links op de foto, rechts zijn zus.

Een volgende keer ging het wel zeker in de bolderkar; houten wielen met bandstaal, gehuurd bij Soepboer, hoek Karrepad. Weggedoken in deze kar, ratelend voortgetrokken over de Badweg boodschappen halen of over de schelpenpaden richting strand. Ik kon vrij om mij heen kijken. Of bij vader achterop de fiets. De schepjes aan de fiets gebonden, fietsend over het strand langs de vloedlijn. 

Heb ik daaraan - van zo lang geleden - dan nog herinneringen? Ja. Misschien worden door het ongewone, de sfeer van vakantie, het licht en de geuren de herinneringen wel in het bijzonder vastgehouden. Zo zie ik nog de slingers van kinderen die achter de leidster aan die door de duinen trokken. 'Bleekneusjes' werden ze steevast kortweg door mijn ouders genoemd. Kinderen van Elim of St. Egbert.

Als je deze 'vakantiekolonies' passeerde hoorde je ook altijd de opgewonden kinderstemmen. Ik was blijkbaar geen bleekneusje, want ik mocht bij pappie achterop. Wat moest je eigenlijk doen om er bij te horen? Ik vond dat onduidelijk en verwarrend en niet zelden zou ik na onze heerlijke vakanties misschien ook wel stiekem een bleekneusje voorgewend hebben; om nog even met emmertje en schepje de duinen in te kunnen.

Met de verwondering die zo alleen kinderen eigen is, keek ik ook naar de vele mannen die, zo leek het, allemaal zo ánders waren. Een enkeling had één been en liep met krukken en ander maar één arm of had een lapje voor het oog. Soms ook ontbraken beide benen. Een vreemde mengeling van handicaps die in veelvoud voorkwamen! Ze vielen op; ik keek om vanuit mijn zitje op de fiets of vanuit de bolderkar, maar ik mocht er niet naar wijzen! 'Kriegsverletzte' was ook zo'n woord dat bij het (mijn) Schiermonnikoog van toen past. Ruim vijf tot tien jaar na de grote wereldbrand zochten Duitse families met gehavende pappies kennelijk ook veelvuldig het eiland op om vakantierust te vinden. Nee, mijn ouders hadden het er niet zo op. De oorlog was nog vers in het geheugen en 'Duitsers' was nog steeds verkeerd volk. Mijn moeder berichtte ook niet zelden, met ongenoegen, dat de Duitsers bij Schut weer voorrang kregen... 

Toen dan ook - enige jaren later-  jonge Duitsers, energiek en vlot, en wel helemaal op de fiets uit Bad Zwischennahn. naar Schiermonnikoog gekomen, met mijn zusjes flirtten, was de boot aan.

Toen wij alweer thuis waren en zij unterwegs naar de Heimat bij uns eine Tasse Tee kwamen drinken waren zij echter welkom. Zo erg kan het dus niet geweest zijn, maar het is verder ook nooit wat geworden…




terug naar overzicht van verhalen         naar bovenzijde pagina