|
|
terug naar overzicht
van verhalen
|
Vertellen over
vroeger / De stroper en zijn koffer
Door Sytze Schut
In een tijd van computerspelletjes, gym-
streetdance- en muzieklessen en
voetbaltraining leek het mij leuk om
een groep eilander kinderen eens te vertellen hoe wij
vroeger onze vrije tijd doorbrachten. Zo
gebeurde op een zaterdag in februari 2006.
De groep bestond uit ongeveer 15 kinderen.
Hutten bouwen, oorlogje voeren, landje pik,
typelen, vlotten bouwen, zwemmen op de
kwelder of in het Kattegat, jutten en
stropen. Dáár hielden wij ons vroeger op het
eiland mee bezig . Spannende bezigheden,
altijd buiten en altijd kwam je te laat
thuis.
|
|
Zaterdagmorgen, 18 februari 2006
We vertrekken op zaterdagmorgen, 18 februari 2006. Het is een
prachtige winterdag. De grijze wolken schuiven langzaam van het
eiland af zodat de zon zijn best kan doen de zaak een beetje op te
warmen. Als we onze fietsen in het bos hebben weggezet volgen we
eerst een breed zandpad en een ruiterpad om dan plotseling via een
heel smal paadje te verdwijnen tussen dromende berkenbomen.
We moeten achter elkaar lopen, zo smal zijn de paadjes. En als ik na
drie kwartier slenteren en slingeren vraag waar we nu zijn, weet
niemand te vertellen waar we uithangen. In een met mos begroeide
duinpan gaat iedereen in een kring om mij heen zitten en na een
'ouderwets' kanaalbeschuitje en een modern pakje fris begin ik te
vertellen over jutten en stropen.
Over jutten en
stropen
Vroeger, toen er nog armoede was op het eiland, was het heel normaal
dat men door jutten en het vangen van een konijntje wat extra`s
probeerde te verdienen. Het was natuurlijk verboden maar ja, dingen
die niet mogen zijn natuurlijk best wel spannend. En het leverde een
paar centen op. Als de wind een paar dagen uit het noorden waait
gaat bij de eilander de hartslag omhoog en komen oergevoelens
omhoog. Maar als je vroeger op pad was om bijvoorbeeld een konijntje
te vangen of met een fiets vol hout van het strand kwam, dan nam je
niet de gebaande wegen. En schelpenpaden had je toen ook nog niet.
Nee, je sloop in het donker langs smalle kronkelende paadjes. Soms
waren dat 'jouw paadjes' omdat niemand anders ze kende. Soms zijn ze
er nog die bijna verdwenen, paadjes. Paadjes met een verleden die
vaak een verhaal hebben te vertellen.
Zoals de
volgende gebeurtenis:
Het verhaal
van de stroper en de koffer
Een stroper wordt gepakt door de jachtopziender. Hij moet naar de
rechtbank in Leeuwarden. Omdat de boot in die tijd maar één keer per
dag vaart en hij dus een nacht moet overblijven op het vaste land
neemt hij een grote bruine koffer mee.
 |
Bij de rechtbank aangekomen staat een portier hem op te wachten.
"Meneer de rechter wil even met mij praten", zegt de eilander
stroper. "Dat is prima, maar die koffer gaat niet mee naar binnen",
zegt de portier. "Ja maar…" "Niks ja maar! Zet hem
maar hier bij mij in het portierskantoor", zegt de ambtenaar. "Pas je er goed op?",
vraagt de stroper en de portier zet de koffer onder zijn bureau en
schuift er zijn stoel voor. |
Even later staat de stroper met een zielig gezicht voor de rechter.
Hij wordt veroordeeld en krijgt een boete van 50 gulden. Met gebogen
hoofd verlaat de stroper met zijn koffer het gerechtsgebouw.
Twee straten verder gaat hij een winkel binnen en loopt met de
eigenaar van de winkel naar achteren. De koffer wordt op een tafel
gezet en uitgepakt. Vijfentwintig keurig in papier verpakte
konijnen wisselen van eigenaar. De stroper ontvangt 150 gulden. Met
opgeheven hoofd verlaat hij de zaak. "Tóch mooi honderd gulden
verdiend vandaag", mompelt hij in zichzelf.

terug naar overzicht van verhalen
naar bovenzijde pagina |
|