Maak uw keuze

   home

   
  accommodaties
   
    geschiedenis
   
    dorp/bereikbaarheid
   
   bezienswaardigheden   
    vredenhof - bunker wassermann
    vuurtoren -  bezoekerscentrum -
    jachthaven - schelpenmuseum -
    walviskaken - de eendenkooi
   
    nationaal park
   
    bezoekerscentrum
 
   excursies
   
    landschappen/natuur
     wad - polder - westerplas -
     bos - kwelder - duinen -
     strand
   
    activiteiten
   
    verhalen
   
   taal
   
  •  kunstenaars
    en 't eiland
   
    
   
    links / © 2011
   
    mail webbeheerder
   
    inhoudsopgave site







 





















Zie ook de website
van Henk Staal (klik)  















 




    
  
 

 
Elim, 'koloniehuis' op 't eiland
door Henk Staal

Duizenden kinderen gingen in de crisisjaren, en ook ver na de Tweede Wereldoorlog naar een zogenoemde gezondheidskolonie. Kinderen die daarvoor in aanmerking kwamen werden ook wel bleekneusjes genoemd. Ze werden veelal op advies van de schoolarts zes weken op vakantie gestuurd. Je kwam voor een verblijf in een gezondheidskolonie in aanmerking als je bij voorbeeld astma of bronchitis had of als je te mager was.

1967

Aan de kinderen werd verteld dat ze zes weken op vakantie gingen. In die tijd stond men er niet bij stil dat dit toch wel heel ingrijpend was voor jonge kinderen. De meesten waren nog nooit van huis geweest. We leefden in een tijd van, je moest niet zeuren. Het was allemaal heel goed bedoeld. De kinderen hoefden immers niet naar school en konden er heerlijk spelen met andere kinderen. En het was voor hun eigen bestwil. Maar veel kinderen hadden last van heimwee en ze misten hun ouders, vriendjes en de school. Maar ondanks dat, kon je er als kind veel plezier hebben en de hele dag spelen aan het strand en in de bossen.


Catharina Tilemans over haar herinnering aan 'de kolonie'.

Ik zat in de 6e klas, het was 1958, toen ik werd weggestuurd naar de kolonie op Schiermonnikoog. Nooit was ik van huis geweest en nu moest ik 6 weken helemaal naar het Noorden van het land. Met vreemde mensen mee in de trein, volgens mij kreeg je 'n kaartje om je nek wat je bestemming was.

Ik heb tranen met tuiten gehuild en mijn moeder ook wel denk ik. Maar als ouders had je geen zeggenschap in die tijd. Er werd van hogerhand beslist dat jouw kind een zogenaamd bleekneusje was en dan had je natuurlijk het beste over voor je kind!

Er ging nog een meisje mee uit dezelfde stad en daar dacht ik wel mee te kunnen spelen als we daar waren, maar dat viel tegen. Elke avond zo'n heimwee naar huis, dat was echt niet leuk.

We gingen daar altijd naar buiten, naar het strand of het bos, dat was wel erg leuk. Aan school werd niets gedaan, met als gevolg dat ik erg achter was na mijn terugkomst. We moesten ook veel eten, want als je niet genoeg was aangekomen dan moest je langer blijven en dat wilde je natuurlijk niet! 's Middags moest je rusten en daarna weer buitenspelen.

Soms kwam er post, brieven van thuis, dat was heerlijk. Maar als er niets voor je bij was, dan was je erg verdrietig. Mijn zussen moesten ook allemaal naar kolonie, volgens mij lagen ze door het hele land.
 

 


Bert Haar over zijn herinnering.

Ik weet het nog als de dag van gisteren dat ik in Elim op
Schiermonnikoog zat, vermoedelijk 1960 of 1961.

We moesten elke middag een uurtje naar bed, maar op een keer - wij lagen net in bed - moesten wij er snel weer uit en ons aankleden, want de reddingsboot moest naar zee en dat wilden we zien.

Foto uit privécollectie Jan Groendijk

Dit heeft een heel diepe indruk op mij gemaakt, als kleine jongen, en tot nu toe altijd bijgebleven, dat gerammel van die rupsen over de stenen van de Badweg. (foto: de trekker van de Willem Horsman).
 

Tientallen van deze koloniehuizen waren verspreid over heel Nederland. Vaak bevonden ze zich aan de kust, in de bossen van Drenthe of op de Veluwe. Op het eiland Schiermonnikoog stonden twee koloniehuizen: het Christelijke Koloniehuis Elim en het Rooms-katholieke St. Egbert. Zo'n 700 kinderen logeerden elk jaar weer, zes weken in een van beide tehuizen op het eiland.


 Pasen, 1956

1962

Pas in 1972 is het koloniehuisgebeuren gestopt. De bleekneusjes waren waarschijnlijk 'op' en er kwam een einde aan het fenomeen Kinder Vakantie Koloniehuis. Veel voormalige 'Bleekneusjes' kijken ondanks de minder mooie kanten van het leven in zo'n tehuis, toch vaak met veel plezier terug naar die bijzondere periode in hun leven.



Bovenstaande foto is vermoedelijk in 1963 genomen. Het betreft een groepje 'bleekneusjes' op het mooie eiland. Uiterst rechts staat Harry Schoemaker. Hij vertelde aan zijn vrouw - Kieny Schoemaker-Smid - vaak over de tijd op Schiermonnikoog en had daar goeie herinneringen aan. (Met dank aan Kieny voor het inzenden van de foto).

> Zie ook website van Henk Staal (klik)