|
|
|
Schiermonnikoog
van 1323 tot 1945
Tekst
ontleend aan
Streekarchief Noordoost Friesland
Klooster Claerkamp
Schiermonnikoog was een uithof van het cisterciënzer klooster
Claerkamp bij Rinsumageest. Dat blijkt uit een drietal oorkonden uit
1323, 1440 en 1465.
Schira monika
De cisterciënzers hielden zich voornamelijk bezig met landbouw en
met het ontginnen van woeste gronden. De naam van Schiermonnikoog is
ontleend aan de schiere, grijze pijen van de conversen of
lekenbroeders die op de uithoven van het klooster te werk werden
gesteld. In het Fries werden ze de 'schira monika' genoemd.
Oudste oorkonde
De oudste oorkonde waarin de naam Schiermonnikoog wordt genoemd,
dateert van 1440. Deze oorkonde is opgesteld door hertog Philips van
Bourgondië, graaf van Holland, Zeeland en Hengouwen. In de oorkonde
zegt hij het eiland Schiermonnikoog te zullen beschermen in geval
van oorlog. Hiermee wordt geduid op de pretenties van de graaf van
Holland op Friesland.
De oorkonde uit 1465 heeft betrekking op de verheffing van de kapel
tot parochiekerk.
Eigendomsrechten
Uit de drie oorkonden blijkt duidelijk dat de abt en gemeenschap van
monniken van het klooster Klaarkamp eigendomsrechten konden doen
gelden op het eiland. Waarschijnlijk was het klooster niet de
eigenaar van het gehele eiland, maar slechts van dat deel waarop de
uithof gevestigd was.
Er zijn van voor 1580 verkopen van grond op het eiland bekend.
Tevens was er een gemeenschappelijk weide, waarop bewoners hun vee
hielden.
Stachouwers en weidegeld
Vermoedelijk is het eigendom van die weide langzamerhand in handen
gekomen van de Stachouwers, de latere Heren van Schiermonnikoog.
Deze hebben namelijk in contracten vastgelegd dat bewoners tegen
betaling van zogeheten weidegeld gebruik konden maken van de
gemeenschappelijke weide.
Karel V
Een deel van Schiermonnikoog is in het begin van de 16e eeuw tot de
Domeinen van landsheer Karel V gaan behoren. Uit pachtcontracten uit
de eerste kwart van de 16e eeuw, blijkt dat land werd verpacht in
verband met het jachtrecht, maar ook accijnzen op wijn. bier en
laken werden verpacht. De soevereiniteit over het eiland en de
bevolking berustte dus bij de landsheer en werd namens hem
uitgeoefend door de stadhouder en de Friese overheid.
Staten van Friesland
Met de reformatie vervielen de kloostergoederen in Friesland aan de
Staten van Friesland. Ook Schiermonnikoog viel daaronder. Voor de
inkomsten uit kloostergoederen werden ontvangers benoemd, die de
inkomsten moesten afdragen aan de ontvanger-generaal. Ook de
inkomsten uit Schiermonnikoog werden hieronder geregistreerd.
Hieruit werd onder meer het salaris van de predikant betaald.
Het deel van Schiermonnikoog dat tot de domeinen van de landsheer
behoorde, kwam na de afzwering van Philips II als landheer in 1581
ook in handen van de Staten. Daarmee was het gehel eiland eigendom
van de Staten. Voor het toezicht op de pachters op Schiermonnikoog
werd een voogd aangesteld, die naast beheerstaken ook justitiële
zaken behartigde.
Schiermonnikoog werd, zoals zovele kloostergoederen ter slechting
van landschapslasten en schulden, door de Staten van Friesland
verkocht in 1638. Het eiland werd volgens de resolutie van de Staten
van Friesland verkocht ´met de landen, het zeerecht (recht op
strandvond en recht op een percentage van geborgen goederen uit
gestrande schepen), de impositiën (recht om belastingen te heffen)
en de civiele en criminele justitie', dus als heerlijkheid, dat wil
zeggen: grond en publieke rechten. De soevereiniteit bleef echter
bij de Staten van Friesland.
Openbare verkoop
De openbare verkoop begon in augustus 1638 en resulteerde in een
aankoop door strijkgeldjagers, Gabe Wiegers Botma (rekenmeester van
Friesland) en Hendrik van Marssum (oud schepen van Leeuwarden).
Beide heren kregen een koopbrief van de Staten. De Staten gingen er
vervolgens vanuit dat de beide heren als strijkgeldjagers wel van de
koop wilden afzien en verkochten vervolgens de heerlijkheid nog in
1638 aan Johan Stachouwer, maar deze kreeg geen koopbrief omdat de
beide strijkgeldjagers hun koopbrief niet hadden geretourneerd. Zij
leverden hun koopbrief niet in bij de Staten, maar verkochten in
1639 Schiermonnikoog aan Pieter Bauckes Houckema, burger en koopman
in Leeuwarden. Deze verkreeg aldus de koopbrief.
Houckema ontwikkelde plannen voor een agrarische exploitatie van het
eiland en liet daarvoor ondermeer een groot huis met een aantal
schuren bouwen (later met de naam 'Binnendijken'). Echter, zijn
slechte gezondheid bracht hem er toe het eiland te verkopen voordat
zijn plannen werden voltooid.
Koopbrief
Stachouwer verzocht in 1640 de Staten om afgifte van de koopbrief.
De Staten verwezen hem door naar Houckema. Deze was niet in staat om
de laatste termijn van de koopsom aan Botma en Van Marssum te
voldoen en besloot alsnog de heerlijkheid aan Stachouwer te verkopen
indien deze aan beide zijn laatste termijn zou betalen.
Houckema leverde echter de koopbrief ook niet aan Stachouwer vanwege
belastingproblemen. Stachouwer betaalde Houckema niet, maar nam wel
bezit van de heerlijkheid door het huis van Houckema op
Schiermonnikoog te bezetten en zich aan de inwoners voor te stellen
als 'Heer van Schiermonnikoog'.
Heer van Schiermonnikoog
In 1640 gaven de Staten aan Stachouwer op zijn verzoek een koopbrief
met als datum 1 november 1638. Deze koopbrief mocht Stachouwer
echter alleen gebruiken als bewijs van eigendom, nadat hij de beide
overige koopbrieven in bezit had gekregen. Dit is nooit gebeurd.
Desondanks bleef Johan Stachouwer op het eiland als 'Heer van
Schiermonnikoog'.
In 1643 werden de eigendomsrechten van Stachouwer op Schiermonnikoog
betwist door Boudewijn de Blije, zoon van Pieter Bauckes Hoeckema,
die daarvoor bij het Hof van Friesland procedeerde. Uiteindelijk
vonniste het Hof in 1646 in het voordeel van Stachouwer. Hij moest
weliswaar de schade veroorzaakt bij de bezetting in 1640 van het
huis van Houckema vergoeden, maar het Hof vond dat voldoende bewezen
was dat Schiermonnikoog door Stachouwer van Houckema was gekocht.
Stachouwer moest alleen nog het resterende deel van de koopsom
betalen.
Verder naar pagina 2
naar bovenzijde pagina
|
pagina 1
pagina 2
pagina 3
pagina 4
|