Maak uw keuze

   home

   
  accommodaties
   
    geschiedenis
   
    dorp/bereikbaarheid
   
   bezienswaardigheden   
    vredenhof - bunker wassermann
    vuurtoren -  bezoekerscentrum -
    jachthaven - schelpenmuseum -
    walviskaken - de eendenkooi
   
    nationaal park
   
    bezoekerscentrum
 
   excursies
   
    landschappen/natuur
     wad - polder - westerplas -
     bos - kwelder - duinen -
     strand
   
    activiteiten
   
  verhalen
   
   taal
   
  •  kunstenaars
    en 't eiland
   
    
   
    links / © 2011
   
    mail webbeheerder
   
    inhoudsopgave site
 


terug naar overzicht
van verhalen









































































































 

De barre winter van 1963
Naar een verhaal van
Frans van Poppel.


Koudste winter

De winter van 1962-63 was de koudste winter van de 20-ste eeuw. De winter kenmerkte zich door een periode van 10 weken kou, beginnend op 22 december 1962 en eindigend op 3 maart 1963. Het was zó koud dat de Waddenzee bevroor. En niet als een gladde ijsbaan, maar met een aaneenschakeling van ijsschotsen en scheuren, overdekt met sneeuw.

'Wadlopen' in de winter

Jan Abrahamse en Jaap Buwalda waren in die tijd studenten geografie uit Groningen en waren al een aantal malen in de zomer het wad overgestoken. In de winter van 1963 zouden ze uiteindelijk tweemaal oversteken naar Schiermonnikoog. Op Schiermonnikoog werden de wadloopactiviteiten met argusogen bekeken, want men vond het daar veel te gevaarlijk om deze oversteek te maken.

Opwarmen

Juffrouw Dien (Alderdina Bol)
 
Bij de tochten naar Schiermonnikoog logeerden Abrahamse en Buwalda steeds in het bekende hotel Van der Werff.
De legendarische Juffrouw Dien 
(foto links) zorgde voor een warme ontvangst en een warm bad.

Abrahamse: “Voorafgaand aan de tochten smeerden we ons steeds helemaal in met uierzalf.

Je kreeg het dan absoluut niet koud, maar je stonk wél een uur in de wind. Zelfs met een heerlijk bad was die zalf niet van je lijf te krijgen en de lucht dus niet te harden.”

Voor Abrahamse en Buwalda waren de tochten over het ijs - maar ook de wadlooptochten in de zomer - vooral een avontuur. Maar tegelijkertijd was het een geografische verkenning en brachten zij precies in kaart hoe je kon lopen over het wad; waar de geulen en het wantij lagen. 

Eiland geïsoleerd

Schiermonnikoog raakte tijdens deze barre winter volledig geïsoleerd. Alleen via de Noordzee was de zuidwest punt van het eiland bereikbaar. En dan nog alleen via een houten aanlegsteiger die de zee in was gebouwd. De bevoorrading met kolen en andere bulkgoederen van het eiland lukte alleen nog via deze weg en via de lucht. Vanaf Leeuwarden werd er een luchtbrug onderhouden. Rond de jaarwisseling was het eiland onbereikbaar geworden voor de gewone veerdienst.

Herinnering

De heer Henk Koning, destijds leraar op de lagere school, had de feestdagen doorgebracht op het vaste land en werd met het vliegtuig naar het geïsoleerde eiland teruggebracht. Hij herinnert zich nog goed hoe iedereen elkaar hielp in die winter.

Henk Koning: “Je was weer met eilanders onder elkaar. Geen toeristen meer. We verlangen nog regelmatig terug naar die winter. Alle kolenvoorraden werden gedeeld. Verder ging het gewone leven verder. De school was gewoon open en er was voldoende in de winkels te krijgen”.

Omdat het eiland geïsoleerd was, had men meer tijd voor elkaar. Men organiseerde schaatswedstrijden onder elkaar en er werden feesten georganiseerd waar men het nu nog over heeft. 

Moeder

Jan Berend Bazuin, zoon van de kruidenier, die destijds al meewerkte in de winkel, herinnert zich dat hij als één van de laatsten over het ijs gelopen heeft naar het vaste land. Zijn moeder was ziek en lag in het ziekenhuis van Groningen. Met een paar vrienden heeft hij de tocht gemaakt. Die vrienden zijn toen weer teruggegaan en Bazuin is met de bus naar zijn moeder geweest. De volgende dag wilde hij terug over het ijs, maar de dooi had toen al te sterk ingezet en was het niet meer verantwoord om over het ijs te lopen.


 Wadlopen over het ijs (1974)

 
Nadere informatie
Koude winters en het Waddengebied

Waddenzee en ijs

Het zeewater van de Waddenzee bevriest bij temperaturen van -2° Celsius en lager. Het duurt echter lange tijd voordat de 'hele' Waddenzee is dichtgevroren en er over het ijs naar de eilanden kan worden gelopen. De laatste keer dat dit kon was in de winter van 1995/96. Er kwam net geen Elfstedentocht, maar het bleek wel mogelijk om, vele wakken ontwijkend, lopend over het ijs naar Ameland en Engelsmanplaat te gaan.

Winter 1996/1997

De volgende winter, die van 1996/97, was er na ongeveer twee weken strenge vorst wel een Elfstedentocht. De Waddenzee was toen echter lang niet dichtgevroren. Wel lag er veel drijfijs, wat bij laagwater deels op de droogvallende wadplaten kwam te liggen.

Andere strenge winters

1962/1963

Tijdens de strenge winter van 1962/63 leek de Waddenzee een poolzee. Zelfs bij hoogwater was het mogelijk over het ijs naar Schiermonnikoog en Ameland te lopen.
Om personen, post en de broodnodige dingen van en naar het eiland te brengen werden er vliegtuigen ingezet.

      In de landrover staat Bouke Henstra, op de slee zitten Geert Werkman, Bote Sijtsma, Hille Holwerda en Johannes Boersma.

Het strand was vlak en hard genoeg voor de vliegtuigen om er te landen, maar als er sneeuw op de landingsbaan lag moest dit verwijderd worden. Dit werd gedaan met de sneeuwschuiver (foto boven). Om de sneeuwschuiver voldoende gewicht te geven, gingen er een aantal personen op zitten.

1928/1929

In de winter van 1928/29 werden per auto tochten over het ijs naar Schiermonnikoog gemaakt. Hotel van der Werff moedigde dergelijke ondernemingen toen aan en bood de overstekers een warm verblijf in het hotel aan.

1953/1954

In de winter 1953-1954 (foto onder) was het begin januari niet meer mogelijk om naar Schiermonnikoog te varen.

 


Zout ijs

Zee-ijs gedraagt zich anders dan ijs op kanalen en meren. Het zoute ijs is vrij zacht. Op 'zoet' ijs kun je schaatsen als het ongeveer zeven cm dik is. 'Zout' ijs daarentegen moet wel 20 cm dik zijn voordat een volwassen mens er op kan lopen. Schaatsen is er vrijwel nooit bij, de ijzers zakken in het zachte ijs weg. Bovendien is het oppervlak vaak zo oneffen dat er niet te schaatsen valt.

IJs-wadlopen








 
De vloed brengt twee keer per dag relatief warm zeewater mee. Dit kan door de ijsvelden heen breken en het overstromen. Vervolgens kan dit water weer bevriezen waarbij een betrekkelijk vlakke ijsvloer ontstaat. Ook kan het vloedwater een ijsvloer optillen en, bij winderig weer, in stukken doen breken. Schotsen kunnen gaan kruien waarbij soms meters hoge 'kistwerken' ontstaan. Soms bestaat het ijs plaatselijk uitsluitend uit fijne schilfertjes, waar je volledig in wegzakt en tot je middel in terecht kan komen.

Bij eb stroomt het water terug richting Noordzee. Bij zware ijsgang kunnen de geulen en prielen waardoor het water anders wegstroomt zijn afgedamd. Het ebwater snijdt dan nieuwe geulen en prielen uit op plaatsen waar je dat niet gewend bent.

Onder vast ijs blijft dikwijls water staan, ook op plekken die anders, als er geen ijs is, de uren rondom laagwater meestal droog staan. Dat betekent dat als je er doorheen zakt, je toch natte en (erg) koude voeten kunt krijgen. Bij minder strenge vorst liggen hier en daar ijsveldjes waar je om heen kunt lopen.

IJs-wadlopen en oriëntatie

De oriëntatie onderweg kan lastig zijn: de vaste herkenningspunten zijn bedekt met ijs. Geulen kunnen zijn dichtgevroren, mosselbanken bedekt met ijs, tonnen in de vaargeul soms kilometers verplaatst. Plaatselijk kan het ijs erg glad en hobbelig zijn, bij harde wind valt het soms niet mee op de been te blijven. Als het eenmaal weer gaat dooien is het ijs van de droogvallende platen opvallend snel weer verdwenen.

Al met al dus een buitengewoon dynamisch gebeuren! Het kan voorkomen dat je op de ene dag het wad op een bepaalde plaats verkend en dat als je er de volgende dag weer komt, het ijslandschap volledig is veranderd. Uiterste voorzichtigheid bij het ijs-wadlopen is dus geboden.

> lees ook het verhaal over de luchtbrug naar het eiland (klik).

Bron: www.wadgids.nl en Digitale Dorpsbode
 

 

terug naar overzicht van verhalen         naar bovenzijde pagina