Maak uw keuze

   home

   
  accommodaties
   
    geschiedenis
   
    dorp/bereikbaarheid
   
   bezienswaardigheden   
    vredenhof - bunker wassermann
    vuurtoren -  bezoekerscentrum -
    jachthaven - schelpenmuseum -
    walviskaken - de eendenkooi
   
    nationaal park
   
    bezoekerscentrum
 
   excursies
   
    landschappen/natuur
     wad - polder - westerplas -
     bos - kwelder - duinen -
     strand
   
    activiteiten
   
  verhalen
   
   taal
   
  •  kunstenaars
    en 't eiland
   
    
   
    links / © 2011
   
    mail webbeheerder
   
    inhoudsopgave site
 


terug naar overzicht
van verhalen

 


    
 

 
Vlotten bouwen...
Herinneringen aan de Westerplas

Door Sytze Schut


Westerkwelder


De Westerplas bestaat nog geen 45 jaar. Vóór 1964 was dit gebied een kwelder waardoor een slenk stroomde die tot ver naar het westen liep. Het water van de Waddenzee stroomde elke dag bij vloed tot achter in dit prachtige kweldergebied. Bij stormweer en springtij stond het water tegen de hoge duinen aan waarover nu het schelpenpad rond de Westerplas loopt.

Zeeslag


Een schitterend gebied voor spelende jongens. Wij hadden daar destijds onze eerste 'jachthavens'. Twee stuks. Eén van de openbare school en één van de 'Badwegschool'. Vlotten bouwen was een spannende bezigheid en tussen de scholen werd regelmatig een zeeslag geleverd.

Wegenbelasting

Zeilen met een vlot richting de oude steiger was ook altijd een uitdaging. Als je dan rond boottijd op de steiger kon komen, had je 20 cent wegenbelasting uitgespaard. Dat moest je namelijk vroeger betalen aan Harm Kruier of Willem Dijk. Aan het begin van de veerdam moest je altijd bij één van beide heren een kaartje kopen. Zonder kaartje kon je niet de steiger op.

Tegenover de wegenkaartjeskiosk, die oostelijk van de veerdam stond, had Manes Visser een kleinere kiosk. Bij hem kon je in de zomermaanden een bootkaartje kopen. 's Winters kocht je een bootkaart in de kiosk bij Daan Sijtsma tegen 'De Halte'.

Manes was niet al te groot en had weinig gevoel voor humor. Toen ik dan ook op een keer een dikke stok tegen de deur van zijn hokje had gezet en hij er niet meer uit kon komen, moest ik dat 's avonds netjes bij hem thuis opbiechten en mijn vader was weer een tijdje een klant kwijt.

Mis

Soms ging het zeilen op Waddenzee mis. Zoals op die dag dat wij bij springtij afdreven en ontdekten dat de vaarboom (een lange kromme stok) te kort was om terug te bomen. Wij dreven af de Waddenzee op. Maar gelukkig wist Riekert Visser ons op te vangen en met een klap van de pikstok op je kop moest je beloven voortaan niet meer de slenk te verlaten.

Toestemming tot inpolderen

Naast vlotje varen werd er in dit kweldergebied ook veel gevist, kon je samen met Thomas Jaski kievitseieren zoeken en waren er grote kolonies zilvermeeuwen. Daarnaast liet Johannes van Dijk zomers zijn koeien op de kwelder grazen. Maar omdat bij dikke tijen water deze kwelder ook in de zomer onder water kon lopen, moest Johannes samen met zijn broer Renze het vee vaak binnendijks halen. Om hier een einde aan te maken en om de mogelijkheid te hebben het vee ook in de herfst langer buiten te kunnen laten, vroeg en kreeg Johannes toestemming van Domeinen om deze kwelder in te polderen. Het vee kon dan de hele zomer en herfst op de kwelder blijven en Johannes kon het binnendijkse land gebruiken voor de hooioogst.

Levenswerk

Die inpoldering werd het levenswerk van Johannes van Dijk. Hij moest de slenk afdammen en een zomerdijk aanleggen tussen de groene zeedijk en de strodijk die in het zuidwesten lag. Met een soort laadschep waaraan een lange steel zat, waarmee Johannes een beetje kon sturen, heeft hij duizenden tochtjes gemaakt. Getrokken door het paard Frits werd er met deze schop per keer nog geen kwart kuub zand verplaatst. het was een heidens karwei.

In de zomer van 1951 werd een eerste proefstuk aangelegd. Toen dit de winter goed doorkwam, ging Johannes in het voorjaar weer aan de slag. Harm en Karel Sliep hebben nog een tijdje geholpen en ook Van gennep, de pensionhouder, en Bolthuis, de meteropnemer, boden hun hulp aan.

De zanddijk werd van een laagje klei voorzien en daarna afgedekt met plaggen. Omdat het een zomerdijk betrof en er in de herfst en winter zeker tijen zouden komen die over de dijk heen zouden gaan, werd er ook een afwateringssluisje gemaakt. Hierbij kreeg Johannes hulp van Nicolaas Tilstra, de oud-opperman van aannemer Hooghart.
 
Johannesdijk

De Johannesdijk werd op 17 april 1952 officieel geopend door burgemeester Anker. Met het opendraaien van de sluis, zodat het kwelderwater naar buiten kon stromen, was de Johannespolder een feit. Bij deze gelegenheid werd aan Johannes een oorkonde uitgereikt met de volgende tekst:
Johannes van Dijk (l) ontvangt oorkonde van burgemeester
 

Wegens het op eigen initiatief en met taaie volharding zelfstandig bedijken van de zuidwestelijke kwelder alhier.

Burgemeester en wethouders

 

Storm

Lang heeft de dijk het niet gehouden. Tijdens de zware februaristorm van 1953, dus nog geen jaar later, sloeg er een groot en diep gat in de dijk. Dit werd 'Het Kattegat'. Hier hebben heel wat eilander kinderen hun 'Kwelderzwemdiploma' gehaald. De kwelder bleef tot 1964 open liggen voor eb en vloed.

Nieuwe steiger

In 1961 werd begonnen met de aanleg van de nieuwe steiger. Deze kwam een paar kilometer ten oosten van de oude steiger (de huidige jachthaven) te liggen. De oude steiger kon alleen met hoog water worden bereikt. De boot voer dus nooit op dezelfde tijd. In ieder huisgezin had men een bootboekje waarin je elke dag kon zien hoe laat je van het eiland af kon.

Een paar keer per maand kon je 's morgens weg 's avonds weer terug. Dat werd dan 'een dubbele boot' genoemd. Dan ging men eerst naar de wal voor een nieuwe bril, voor het passen van een corset, voor het happen voor een nieuw gebit of alledrie tegelijk.

Winter van 1961/1962

Tijdens de bouw van de nieuwe steiger brak in de winter van 1961/1962 de grote zeedijk door en stond de Banckspolder helemaal onder water (foto onder).

       Winter 1961/1962

Rijkswaterstaat besloot in twee fases een nieuwe geasfalteerde dijk aan te leggen. het eerste deel ten westen van de nieuwe steiger en het jaar daarop ten oosten daarvan. In 1964 werd de Westerkwelder afgesloten door de aanleg van een hoge zandrug tussen de nieuwe asfaltdijk en de bestaande strodijk. Deze zandrug werd afgedekt met een laag löss die uit Noord-Brabant werd aangevoerd. Op deze zanddijk is later de bank van Banck gebouwd.

Bron: Sytze Schut in 'De Dorpsbode' (15/9/06).




terug naar overzicht van verhalen         naar bovenzijde pagina