|
|
terug naar overzicht
van verhalen
|
Lucht
Door: Frits Abrahams
Weer of 'geen weer'
Schiermonnikoog is een eiland dat mij nooit tegenvalt, zelfs niet
als de weersomstandigheden matig zijn. Het is er niet meer zo rustig
als in 1882, toen er in juli en augustus nog maar honderd badgasten
kwamen, maar het zal nooit een Scheveningen of Zandvoort worden.
Daarvoor houdt het autoverbod, net als op Vlieland, te veel
toeristen weg.
Het ruikt
nog steeds lekker
Op Schiermonnikoog ruikt het nog steeds lekker – een oude
verworvenheid die niets aan kracht heeft ingeboet. Het onderstaande schreef de
gemeentelijke geneesheer en badarts de heer A.J. Prins in 1868:
'De lucht is er, in vergelijking met de
vasten wal, overvloediger van zuurstof
voorzien, ’t geen op de ademhaling en den
bloedsomloop en dien ten gevolge op het
geheele ligchaam een heilrijken invloed
geeft... Het zeewater (...) is hier ongemeen
frisch. Golvend klotst het met zijn
aanzienlijk zoutgehalte tegen het ligchaam
van den bader, prikkelt de huid, wekt de
zenuwen op tot nieuwe werkzaamheid en geeft
veerkracht aan het geheele gestel.'
|
|
Wonen op het
eiland?
De heer Prins kan met een gerust hart reďncarneren op
Schiermonnikoog. Hij zal er niet het zurige aroma van excessief
autoverkeer ruiken, dat in een dorpje op de Veluwe tegenwoordig even
gangbaar is als in het hartje van de Randstad. Wandelend en fietsend
over Schiermonnikoog komen onvermijdelijk vragen boven als: hoe zou
het zijn om hier permanent te wonen, zijn de winters er niet erg
lang, en wat zou ik er missen?
Ik stel zulke vragen ook altijd aan de mensen – het lijken er de
laatste tijd weer meer te zijn – die deze keus al hebben gemaakt, of
overwegen het te doen. De antwoorden blijven doorgaans vaag. Men
zoekt rust en onbereikbaarheid, meer tijd voor zichzelf, kortom, een
nieuw leven.
Prikkels
Het is niet meer voor me weggelegd, vrees ik. Mijn huid en mijn
zenuwen hebben de prikkels nodig van mensen, cafés, restaurants,
theaters, bioscopen, boekhandels. Ook zij geven veerkracht aan mijn
‘geheele gestel’. En het lijkt me ook beter voor het werk dat ik
doe. Een dagelijkse column vanuit Schiermonnikoog? Ik zou de kennis
van de natuur van Koos van Zomeren, Maarten ’t Hart of Jan Wolkers
moeten hebben.
Dat lukt me niet meer. Dezer dagen hoorde ik voor het eerst het
geluid van de houtsnip, een laag, knorrend keelgeluid. Ik hoorde het
niet in de natuur, maar op een bandje in het bezoekerscentrum op
Schiermonnikoog. Ik vond het een interessant geluid, maar ik greep
pas naar mijn notitieboekje toen ik een leerling uit een bezoekende
schoolklas tegen zijn juf hoorde roepen: „Juf, je staat te kijken
naar de kont van de meester.” De juffrouw keek beschaamd om zich
heen. „Zie je wel, je bloost”, zei het jongetje.
'Veldonderzoek'
| Voor lezers die krachtiger dan ik de zuiging van het platteland
voelen, heb ik op Schiermonnikoog nog enig veldonderzoek verricht.
In de etalage van een makelaar stond een foto van een alleraardigst,
vrijstaand oud pandje in het centrum (Middenstreek 47). Prijs:
425.000 euro. Daarbij zal het niet blijven, want „de voorzieningen
zijn gedateerd”.
|

Blijft het een
(jeugd) droom? |
Een leuke
recreatiewoning aan de Langestreek doet
325.000 euro en voor 250.000 euro bent u eigenaar van een
appartement in het Strandhotel.
Ook schone lucht wordt duur betaald....
Bron: NRC
Handelsblad (27-6-2006)

terug naar overzicht van verhalen
naar bovenzijde pagina |
|