Maak uw keuze

  home

   
  accommodaties
   
    geschiedenis
   
    dorp/bereikbaarheid
   
   bezienswaardigheden   
    vredenhof - bunker wassermann
    vuurtoren -  bezoekerscentrum -
    jachthaven - schelpenmuseum -
    walviskaken - de eendenkooi
   
    nationaal park
   
    bezoekerscentrum
 
   excursies
   
    landschappen/natuur
     wad - polder - westerplas -
     bos - kwelder - duinen -
     strand
   
    activiteiten
   
  verhalen
   
   taal
   
  •  kunstenaars
    en 't eiland
   
    
   
    links / © 2011
   
    mail webbeheerder
   
    inhoudsopgave site
 


terug naar overzicht
van verhalen

 Herinneringen aan de Tweede Wereldoorlog
 
Door:
Tjitte Talsma


Het uitbreken van de oorlog

Ik was 11 jaar toen de oorlog uitbrak. Als de dag van gisteren weet ik het nog:
’s morgens bij aankomst bij de lagere school vertelde meester Veerman dat ons land in oorlog was met Duitsland.

Het was 16 mei 1940 (16.00 uur) toen het eiland Schiermonnikoog door de Duitsers bezet werd. ’s Middags marcheerde de eerste groep van ongeveer 18 à 22 soldaten, onder commando van Inselcommandant Frankenberg het dorp binnen.

Nog dezelfde middag werd bij de vuurtoren op de kaap de Duitse hakenkruisvlag in top gehesen. Al vrij kort hierna kwamen honderden Duitse soldaten hier naar toe.

Tijdens de oorlogsjaren hadden we een bezetting van ruim 700 soldaten. Diverse grote gebouwen werden door hen gevorderd. Ook werden hier- net als aan de gehele kust, zoals in Frankrijk, België, Nederland, Duitsland tot aan de Scandinavische kust (de Atlantic Wall) - vele grote bunkers en stellingen gebouwd.

Ook werden alle boeren op het eiland verplicht om met paard en wagens dagelijks de vele bouwmaterialen naar de gewenste duingebieden te brengen.

Nadat de zware kanonnen, radarinstallaties en grote zoeklichten in stelling waren gebracht, werden in de oorlogsjaren vele bommenwerpers naar beneden gehaald.
Vele crashten boven de Noordzee, waarbij de piloten jammerlijk verdronken.

Een gecrasht vliegtuig

Op 24 november 1941 kwam ik ’s avonds om 19.15 uur uit het dorp en zag dat er een vliegtuig door het Duitse geschut geraakt werd en vervolgens laag over mij heen vloog. Darana vloog het tussen de kooiboerderij en de eendenkooi in zuidwestelijke richting om daarna in ons weiland te crashen. Na ongeveer 350 meter over de grond doorgeschoten te zijn, maakte het een harde landing, het landingsgestel brak af en het vliegtuig vloog meteen in brand.

Toen ik bij thuiskomst aan mijn ouders en broers vertelde wat er vlakbij de boerderij gebeurd was, ging mijn vader er direct naar toe. Halverwege kwam mijn vader de vierkoppige bemanning tegen. Ze waren allemaal licht gewond. Na tien minuten waren ze bij ons in de keuken. Mijn moeder heeft hen nog thee aangeboden.

Plotseling stormde een kleine groep Duitse soldaten bij ons binnen. De bemanningsleden werden onmiddellijk met de Duitse voertuigen die op het erf stonden afgevoerd. Later heb ik vernomen dat ze alle vier naar diverse strafkampen in Duitsland getransporteerd zijn en de oorlog overleefd hebben.

In 1994 is vanuit Engeland de piloot gunner en navigator mr. Paxton samen met zijn zoon bij ons op de kooiboerderij geweest en hebben we alles nog eens doorgepraat.
Ook heb ik de exacte plaats in het weiland aangewezen waar ze gecrasht waren.
Daarna zijn er hier nog 6 bommenwerpers neergestort, waarvan vele een dodelijke afloop voor de bemanning hadden.

Het eiland tijdens de oorlog

Ons dorp is niet gespaard gebleven van bombardementen. Op 15 juli 1940 vond er boven Schiermonnikoog een luchtgevecht plaats tussen Duitse en Engelse vliegtuigen. Tijdens dit luchtgevecht waren de Engelse bommenwerpers, vanwege hun eigen veiligheid, genoodzaakt zich te ontdoen van hun bommenlading.

Ook op 8 januari 1941 en 28 juli 1943 deden zich eenzelfde soort acties voor in de lucht boven het dorp. Dit had vreselijke gevolgen voor onze eilander gemeenschap: vele dorpsgenoten vonden de dood. Ook zijn er tijdens de oorlogsjaren vele bemanningen van geallieerde vliegtuigen op het strand aangespoeld en op de begraafplaats “Vredenhof” ter aarde besteld. Persoonlijk ben ik vele malen bij deze begrafenissen aanwezig geweest.

Tijdens de oorlogsjaren waren de verhoudingen tussen de Duitsers en de eilander bevolking over het algemeen vrij rustig te noemen. Het was natuurlijk niet zo dat we als eilander allemaal pro-Duits waren.

Een bijzonder naar staartje

Tegen het einde van de oorlog werden we n
óg eens bijzonder opgeschrikt. Toen de Canadezen oprukten naar het noorden, vluchtte op 16 april 1945 uit Groningen een groep Duitse en Nederlandse SS-ers uit het Scholtenshuis. Dit waren de grote gevreesde beulen uit Groningen. Ze gingen met vier schepen vanuit Zoutkamp (126 personen in totaal). Toen ze de kust van Oostmahorn hadden bereikt, werden ze door de N.B.S. vanuit stellingen op Oostmahorn onder vuur genomen. Een klein aantal raakte gewond.

Toen deze bende gearriveerd was op het eiland wist men nog niet waar ze ondergebracht moest worden. De Duitse Inselcommandant wilde dit aparte gezelschap niet in zijn eigen omgeving hebben.

In overleg met het gemeentebestuur werd besloten om deze groep op een afgelegen plaats onder te brengen. En zo gebeurde het, dat de gemeentesecretaris, de heer Herman Visser, ’s morgens om kwart over tien bij ons op de stoep stond met een dwangbevel waarin vermeld stond dat de kooiboerderij en de eendenkooi voor militaire doeleinden gevorderd zouden worden. Wij moesten binnen anderhalf uur weg wezen. Dit leidde natuurlijk tot grote paniek bij mijn ouders en de vijf jongens.

Mijn vader spande 2 paarden voor de boerenwagen. Snel werden er beddengoed, kleding en levensmiddelen ingeladen. Er werd besloten om naar buurman Jitze de Vries te gaan, wat ongeveer 1 km bij ons vandaan was.

Mijn ouders kregen een slaapkamer in het voorend van de boerderij en wij als jongens sliepen in de hooischuur. Na drie dagen vonden mijn ouders dit een onhoudbare situatie. Mijn vader ging naar het gemeentehuis en deed daar zijn beklag. Besloten werd om voor ons gezin een woning te vorderen in het dorp aan de Reeweg.

Intussen was al ons vee nog bij de boerderij. Mijn vader en ik gingen de volgende dag naar de Kooiplaats om het vee te verzorgen. Dit werd door Lehnhoff en Thomson (de leider) gedoogd. Met verbijstering zagen we hoe de boerderij en eendenkooi in sterke militaire vestingen waren veranderd. Deze lui hadden 5 dure auto’s uit Groningen meegenomen en veel nieuwe fietsen, levensmiddelen en drank. Ook waren er 5 dames van verschillende nationaliteiten in dat gezelschap. Van de Duitse bezetting bij het strandhotel (De Batterie) vernamen wij dat er steeds twee kanonnen op de Kooiplaats gericht stonden en dat in geval van moeilijkheden alles plat geschoten zou worden.

Eindelijk bevrijd

Eindelijk was het dan zo ver. Op 25 mei kwamen er twee Canadezen op Schiermonnikoog. Op 31 mei kwamen nog meer bevrijders naar ons eiland en wat niemand verwacht had gebeurde: de SS-bende gaf zich gewillig over. Dezelfde vrijdagmorgen werden ze afgevoerd naar Zoutkamp waar de Canadese legervoertuigen klaar stonden om hen naar de gevangenis in Groningen te brengen.

Een aantal van die lui waren nog steeds in de veronderstelling dat ze naar hun Heimat gebracht zouden worden. Lehnhoff, de grootste beul, werd korte tijd daarna op het binnenplein van de gevangenis gefusilleerd. Op 11 juni werd de Duitse vaste bezetting (toen nog 600 man) met boten de Brakzand en de Waddenzee afgevoerd.

Schiermonnikoog was het laatste stukje Nederland wat bevrijd werd. Overal zag je de vlaggen wapperen, er werd gefeest en er werden in beide kerken dankdiensten gehouden. Inmiddels was een grote ploeg mensen van de NBS al bezig om de Kooiplaats te ontruimen. Alles werd geïnspecteerd.

Na ongeveer 5 dagen werd de kooiboerderij vrijgegeven en konden wij in de half gesloopte boerderij terugkeren.

            
                  Aftocht Duitse soldaten van het eiland op 11 juni 1945 - foto: archief Bauke Henstra


        

terug naar overzicht van verhalen       naar bovenzijde pagina